Kostprijs verhogende factor: vrachtwagenheffing

Belastingadvies 25 september 2019 2 min. leestijd

In navolging van de omliggende landen is nu ook Nederland aan de beurt met het aanbieden van het consultatievoorstel voor de vrachtwagenheffing. Op dit moment is de belastingheffing in Nederland op vrachtwagenverkeer niet gekoppeld aan de hoeveelheid gereden kilometers, maar dienen vrachtwagens vanaf 12.000 kg in het bezit te zijn van een Eurovignet. Daarnaast wordt er aanvullend motorrijtuigenbelasting (wegenbelasting) geheven bij de houders van voertuigen. Om gerichter en doeltreffender te kunnen heffen zal vanaf 2023 per gereden kilometer geheven worden. Een zogenaamde variabele heffing. Dit zal gelden op de autosnelwegen alsmede een beperkt aantal andere (voornamelijk N-)wegen. 

 

Net zoals in België en Duitsland zal géén onderscheid worden gemaakt tussen binnenlandse en buitenlandse houders van vrachtwagens. De hoogte van de belasting is onder andere afhankelijk van de milieueigenschappen (EURO-emissieklasse) en gewichtsklasse van de vrachtwagen. Zoals het er nu naar uit ziet, zal de heffing gaan gelden voor vrachtwagens met een toegestane maximummassa van meer dan 3500 kg. Net als in België, worden ook oplegtrekkers met een toegestane maximummassa van minder dan 3500 kg in de heffing betrokken. Er wordt echter een uitzondering gemaakt voor landbouw- en bosbouwtrekkers.

 

Om de Nederlandse concurrentiepositie niet te schaden, is het kabinet voornemens eenzelfde tarief als in België en Duitsland toe te passen. De gemiddelde tarieven in de omliggende landen liggen rond de € 0,15 per km.

 

De opbrengsten van deze heffing zullen in overleg met de sector worden teruggesluisd naar de vervoersector middels een verlaging van de wegenbelasting op vrachtwagens en worden ingezet op het bevorderen van een innovatief en duurzaam vervoersysteem. Drie sectorpartijen (Transport en Logistiek Nederland, evofenedex en VERN) zullen de komende jaren actief betrokken blijven bij de besteding van de heffingsopbrengsten.

Terug